Overslaan en naar de inhoud gaan
search

‘Gelukkig heb je je wenkbrauwen nog'

Boek Erik Muller over wat je wel en beter niet kan zeggen tegen mensen met kanker

Gepubliceerd op: 29 maart 2022

Erik Muller werkte jarenlang als internist-oncoloog in het Slingeland Ziekenhuis. In 2019 ging hij met pensioen. Patiënten met kanker vertelden hem regelmatig over wat mensen tegen hen zeiden en wat dit met hen deed. Dat inspireerde hem tot het schrijven van een boek, over wat je wel en beter niet kunt zeggen tegen mensen met kanker.

Het begon met een bureaulade vol met briefjes, waarop Erik Muller de verhalen had genoteerd die patiënten aan hem verteld hadden. “Die kwamen allemaal tevoorschijn toen ik met pensioen ging. Ik vond dat ik daar iets mee moest doen. Zo kwam ik op het idee voor een boek. Via Ernst Kuipers, de huidige minister van Volksgezondheid en tevens oud-studiegenoot van mijn vrouw, kwam ik in contact met een journalist van de Volkskrant. Zij publiceerde een artikel over mijn plannen. Dat leverde e-mails op van 150 mensen die ook hun verhaal aan mij kwijt wilden. Samen met de briefjes had ik daarmee stof genoeg voor mijn boek.” Overigens krijgt het boek een voorwoord geschreven door Ernst Kuipers, weet Erik Muller te melden.

Moeten leren

‘Gelukkig heb je je wenkbrauwen nog’ is de titel van het boek. Het is één van de vele uitspraken die Erik Muller heeft genoteerd. En die valt in de categorie dingen die je beter niet tegen iemand met kanker kan zeggen. "Een aantal mensen voelt van nature aan wat je beter wel en wat je beter niet kunt zeggen tegen ernstig zieke mensen”, weet Erik Muller. “Maar veel mensen weten het niet en moeten het leren. Ik behoor tot die laatste categorie. Ik heb het als dokter echt moeten leren.”

Goedbedoeld

“Laat ik vooropstellen dat mensen die kanker krijgen meestal veel lieve, warme en steunende dingen horen vanuit hun omgeving”, benadrukt Erik Muller. “Maar helaas komt een aantal goedbedoelde opmerkingen bij mensen met kanker keihard binnen. En hebben een volkomen averechts effect. Van sommige uitspraken kunnen mensen tot in lengte van dagen nog last hebben. Het kan vriendschappen splijten en familiebanden verstoren.”
Erik Muller heeft alle verzamelde uitspraken, met daarbij de uitleg van de patiënt wat het met hem of haar deed, ingedeeld in categorieën. En daar vervolgens een duiding aan gegeven. Wat zijn zijn belangrijkste bevindingen? Hij noemt als eerste: “Mensen die nog maar net weten dat ze kanker hebben, zijn bijzonder kwetsbaar. Hun wereld staat op z’n kop, ze schudden op hun grondvesten. En dan luistert het nauw wat je tegen hen zegt en wat je doet.”


Wat wel en wat niet?

Enkele voorbeelden van wat je beter niet tegen iemand met kanker kunt zeggen (maar wat wel veel gezegd wordt):

  • Eigen ervaringen delen: ‘Mijn tante had ook kanker’.
  • Ongevraagd advies geven over leefstijl: ‘Weet je wat jij moet doen? Kurkuma nemen’.
  • En daar vervolgens op terugkomen: ‘Heb je dat niet gedaan? Wil je niet beter worden of zo?’.
  • Hameren op positief denken: ‘Je moet ervoor vechten’.

Voorbeelden van wat je wel kan zeggen en doen:

  • Laat altijd iets horen, wacht niet te lang.
  • Vraag ‘hoe gaat het vandaag?’. Dat is minder beladen.
  • Stuur een kaart, dat is altijd goed. De tekst ‘ik denk aan je’ is al voldoende.
  • Als je niet weet wat te zeggen, zeg dat dan.

 

Eenzaam voelen

“Verder heb ik van veel patiënten gehoord dat ze vaak tegen onbegrip aan lopen en zich daardoor eenzaam voelen. Als je zelf geen kanker hebt of hebt gehad, is het heel moeilijk om echt in te voelen wat het is om deze ziekte te hebben. En dat kan de voedingsbodem zijn voor onhandige opmerkingen en het kiezen van de verkeerde woorden.”
En dan nog een belangrijk facet: “Het is nu eenmaal zo dat veel mensen graag over zichzelf praten, bewust of onbewust. Met als gevolg dat ze in een gesprek met iemand met kanker veel dingen over zichzelf zeggen. Bijvoorbeeld ‘ik weet wat je voelt, want mijn oom had ook kanker’. Of ‘ik vind dit zo knap van je, ik zou dat nooit kunnen’. Deze reacties zijn heel menselijk en komen veel voor. Maar iemand met kanker zit er niet op te wachten.”

Houd het klein

Wat is Erik Muller’s belangrijkste advies? “Laat in ieder geval iets van je horen als je verneemt dat iemand kanker heeft. Want niets horen is voor zieke mensen verschrikkelijk. En als je elkaar tegenkomt en je komt met elkaar in gesprek, begin dan niet met grote vragen. Houd het eerst klein. Dus vraag bijvoorbeeld niet: ‘hoe gaat het met je?’ Maar bijvoorbeeld wel: ‘hoe gaat het vandaag met je?’.
Erik Muller heeft ook een advies aan de mensen met kanker: “Begrijp dat het voor anderen moeilijk kan zijn en help ze daarom een handje. Zeg bijvoorbeeld: ‘ik zou het fijn vinden dat…’.
Dit en meer nuttige adviezen vindt u in het boek van Erik Muller, dat op 23 juni 2022 verschijnt. Vanaf dan is het verkrijgbaar bij uitgeverij Boekscout. Ook is het bij iedere boekhandel te bestellen.

Laatst bijgewerkt op: 24 juni 2022

Direct naar

De entree van het nieuwe Slingeland Ziekenhuis
Ontwerp nieuwe Slingeland Ziekenhuis is efficiënt en praktisch